Ga naar de inhoud
Free Village festival

Op 13 en 14 september 1969 – een klein jaar voordat het befaamde Kralingse popfestival plaatsvond dat bekend staat als start van het Nederlandse popfestivalwezen – werd het Gelderse plaatsje Eerbeek voor een event van 24 uur omgevormd tot ‘Provadya-dorp’, aldus De Nieuwe Limburger (25-6-1969). Volgens het Nieuwsblad van het Noorden (6-9-1969) gebeurde dit met onder meer subsidie van het ministerie van CRM van Marga KlompĂ©. Het Free Village festival was het ‘Woodstock van Nederland’, aldus De Stentor (7-9-2019). Het was het eerste kampeer- en muziekfestival wellicht, maar er waren al eerder meerdaagse muziekfestivals geweest in Nederland, van Hai in de Rai tot en met de eerste edite van Lowlands Flight to Paradise in 1967.

Volgens een artikel in de Stentor hing er in Eerbeek op het festival ‘overal een geur van hasj en wiet’, en werd er gedronken en getript, terwijl de horecamedewerkers zich op de been hielden met ‘pep’. In tentjes lagen jongeren te vrijen. Er ging een grootse ‘kommuunikaatsie-aktie aan het festival vooraf, aldus NvhN, met ‘onduloppen’ die rondgingen door het land: grote grauwe grijze ribkartonnen enveloppen met daarop de tekst: “Dit is een doorgeefenvelop! Geef aan iemand die er aardig uitziet (en maak gelijk een praatje).” Dat praatje moest dan natuurlijk onder meer gaan over het festival, waarvoor kaartjes te koop waren bij Provdaya? locaties.

De underground-elite van die tijd was in volle kracht aanwezig in Eerbeek: dichter en LSD profeet Simon Vinkenoog, kunstenaar en LSD gebruiker Mike Lorsch, tevens eigenaar van het eerste macrobiotische restaurant in Nederland, serveerde er destijds al een macrobiotische picknick; dichter en perfomer Johnny ‘The Selfkicker’ Van Doorn, Herman Brood (destijds nog niet zo bekend), de band Shocking Blue (die toen een enorme hit had met Venus); lokale zanger Bennie Jolink, en de Rotterdamse dichter en jazz- en speed adept Jules Deelder. De locatie was artistiek en creatief opgetuigd en body paint was een van de activiteiten. Een suggestie van een van de organisatoren, Eddy Determeyer, voor het beschilderen van de plaatselijke varkens en koeien, werd niet door de overige organisatoren overgenomen. Men vreesde dat dit te gevoelig lag bij de bevolking. (NvhN 31-12-1975).

Er was ruimte voor popbands, jazz en dans maar ook werden in het Dorpshuis continu films vertoond. Er waren stands van politieke partijen, er werd informatie gegeven over drugs en dienstweigering. En een spreekgestoelte, “voor mensen die iets wilden verkondigen over het geloof of zijn/haar kijk op de samenleving” (Brummens Nieuws, 31-8-2019).